Kennissite gemaakt door professionals en ervaringsdeskundigen sámen. Erkend door universiteiten, Hoge Scholen, zorgprofessionals en patiëntenorganisaties. Winnaar Gouden Speld van Verdienste voor opvallend goed werk voor NAH

Tijdsbesef stoornis

Hoe lang duurt een kwartier

Een van de minder bekende onzichtbare gevolgen van hersenletsel is een tijdsbesef stoornis.
Dat is niet zo als in een Hollywood film dat iemand niet weet in welk jaar hij leeft of zoals bij mensen met dementie die ernstig gedesoriënteerd zijn dat iemand niet weet of het dag of nacht is. Het komt inderdaad wel voor dat iemand zo ernstig in tijd verstoord is maar in de meeste situaties ligt een tijdsbesef stoornis subtieler: "Hoe lang tijd heb ik in een kwartier en hoe lang in een uur?"

Tijdsbeleving en tijdsbesef gaat over verschillende aan tijdgerelateerde taken. Bijvoorbeeld:

  • tijdsintervallen schatten , bijv. "Wanneer heb je voor het laatst jouw neuroloog bezocht?";
  • het schatten van de tijdsduur, bijv. "Hoe lang wachtte je bij de dokter?"; en
  • het beoordelen van de gelijktijdigheid van gebeurtenissen.

Geluidsprikkels (auditieve stimuli) lijken bijvoorbeeld langer te duren dan visuele prikkels (visuele stimuli), hebben onderzoekers ontdekt.

 

Tijdsbesef is onontbeerlijk bij de mens die in deze snelle maatschappij moet leven. We hangen van afspraak na afspraak aan elkaar, tot en met de vrije dagen staan ingepland en volgepland. Wie een tijdsbesef stoornis heeft mist de herkenningspunten in dit bestaan. Diegene mist sinds het hersenletsel de ankerpunten van onze dagindeling en daarmee grip op de dag.

 

Onverwachte gebeurtenissen kunnen die moeite die de mensen al hebben, extra vergroten.
Een agenda, dagstructuur of dagplanning en goede afspraken maken is dan onontbeerlijk al dan niet met behulp van moderne hulpmiddelen. Ook de rustmomenten dienen goed ingepland te worden.

Druk
De mensen die aan een tijdsbesef stoornis lijden ervaren meestal een grote druk om op tijd te komen, om iets op tijd af te krijgen of ze plannen erg ruim. Deze mensen voelen bijna altijd dat er tijd te kort is om iets te doen of dat ze iets gehaast moeten doen. Onverwachtse gebeurtenissen kunnen iemand van slag brengen. Dan kan iemand de tijd 'kwijt raken' of het tijdschema niet meer hanteren.

 

Het blijkt dat  mensen met deze stoornis vaak iets af willen hebben omdat ze niet weten of er 'morgen' tijd voor zal zijn. Afspreken met iemand kan voelen als 'in tijdsdruk' komen.

Lang van tevoren kan al druk ervaren worden over een afspraak.
Voor de omstanders komt het vaak gestrest over. Dat wil niet altijd zeggen dat er stress is, er is vooral een mistig gegeven over het abstracte begrip tijd.

Voorbeelden:

  • Hoe lang ben ik ergens mee bezig ?
  • Hoe laat moet ik naar mijn afspraak om op tijd te komen?
  • Hoe laat moet ik de groenten opzetten om ze gelijk gaar te krijgen met de aardappels? Voor elke pan heb ik een aparte kookwekker.
  • Hoe laat moet ik de honden uitlaten als ik daarna weg moet?
  • Ik zet voor alles een alarm op mijn telefoon. Ik word er dol van.
  • Kan ik dit of dat nog wel doen als ik daarna een afspraak heb?
  • Al mijn afspraken staan zowel een dag als een uur van te voren in de telefoon zodat ik ze niet vergeet. Mijn geheugen is prima maar mijn tijdsbesef is kapot.
  • Ik heb een heel boekje gemaakt hoe lang ik over een bepaald traject doe zoals een supermarktbezoek, ritje naar het ziekenhuis, kinderen naar school brengen, zodat ik het de volgende keer beter kan inplannen en niet een uur te vroeg kom.
  • Ik weet bijvoorbeeld niet wat je met een kwartier of een uur kunt. Wat kan je in een kwartier doen? Wat kan je dan in een uur allemaal doen of wat juist niet?
  • Ik kom standaard te vroeg of te laat.
  • Omdat ik niet te laat durf te komen, ben ik dus altijd echt veel te vroeg.
  • Als ik een afspraak ergens hebt, dan lijkt dat een soort blokkade op te werpen in mijn gedachten. Door die onrust loopt het dan vast, vergeet ik medicatie, of bijvoorbeeld sleutels te pakken.
  • Steeds als er iets gebeurt waar ik niet op reken ben ik de tijd kwijt.

Waar in de hersenen?

Verschillende soorten sensorische informatie (horen, zien, aanraken, enzovoort) worden met verschillende snelheden verwerkt, door verschillende neurale netwerken.
David Eagleman zei dit: "Ik heb een hypothese - dat het systeem wacht met het verzamelen van informatie gedurende het tijdsbestek waarin het binnenstroomt.  Niet alleen voor wat je ziet, maar dat geldt voor alle andere zintuigen. Als ik je teen en je neus tegelijkertijd aanraak, voel je die aanrakingen als gelijktijdig. Dit is verrassend, want het signaal van je neus bereikt je hersenen ruim voor het signaal van je teen. Waarom voelde je de neus niet toen hij aankwam?"
Als de hersenen informatie verzamelen van verschillende zintuigen in verschillende gebieden en met verschillende snelheden, hoe bepalen ze dan hoe de signalen op elkaar moeten aansluiten?


Tijd wordt gecodeerd in:

  •  De laterale entorhinale cortex (LEC) codeert volgens onderzoekers de ervaring van tijd.
  • De mediale entorhinale cortex (MEC) codeert volgens onderzoekers de ruimtelijke input.
    • samen verwerken zij de 'episodische tijd'.
  • De hippocampus (het zeepaardje) slaat op wat, waar en wanneer.
  • De hersenschors (cerebrale cortex).
  • De kleine hersenen (cerebellum).
  • De basale ganglia.
    • met name de suprachiasmatische kern (SCN) vlak achter de oogzenuw regelt het dag nacht ritme (het circadiane ritme). Die geeft een signaal om melatonine aan te maken in de pijnappelklier.
  • epifyse (pijnappelklier)


Tips

  • Noteer de tijden van en naar, waar je vaak naar toe gaat.
  • Noteer ook de extra tijden hoe lang het duurt om bijvoorbeeld een parkeerplek te vinden.
  • Vertrouw de tijdsplanning toe aan iemand die zelf niet slordig is met tijd.
  • Vraag aan de mensen in je omgeving of ze op tijd willen komen en de tijd goed willen bewaken als steun voor jou.
  • Een ouderwetse kookwekker kan naast de smartphone met alarmfunctie een goede dienst bewijzen.
  • Gebruik apps als Dag-klok (Android) of Klok-app (Apple)
  • Gebruik de app Daylio. Dat leert je gewoontes beter te herkennen en je te herinneren.
  • Koop een kalenderklok waarop én datum én tijd staat, ze zijn er ook in varianten met een app service of fotobericht zoals https://www.dayclocks.nl/
  • Koop een time-timer (afbeelding rechts). Dat zorgt voor een beter tijdgevoel!
    De time-timer is de ideale steun voor iedereen die bij tijdopname wat extra hulp kan gebruiken. Het begrijpen van de gewone klok en het concentreren op de wijzers is bij de time-timer niet nodig. Je ziet en "voelt" het verstrijken van de tijd, terwijl de rode schijf duidelijk de resttijd aangeeft. Men kan een subtiel maar duidelijk signaal instellen om aan te geven wanneer de tijd om is.
  • De dayclock
  • De kalenderklok
  • De time-timer

Bijkomende problemen

  • Mensen met planningsproblemen komen vaker in de problemen als er ook een tijdsbesef stoornis is. Zij zullen vaker doorgaan met activiteiten om iets af te hebben in hun gevoel. Zij kunnen hierin voorbij gaan aan de eigen signalen van vermoeidheid.
  • Mensen met ernstige vermoeidheid door hersenletsel kunnen zelfs wat vereenzamen doordat ze te weinig contactmomenten inplannen uit schrik dat ze te weinig hersteltijd hebben. Zij plannen de hersteltijden net als de andere tijden vaak ruimer in.
  • Mensen met onderprikkeling (die een duidelijke structuur en redelijke dagvulling nodig hebben), kunnen door de te ruime planning regelmatig een gevoel van 'leegte' ervaren.

Bronnen
Team Hersenletsel-uitleg

Eagleman DM (2009-06-23). "Brain Time". Edge Foundation. Archived from the original on 2013-08-05. "Brain Time", David Eagleman (http://edge.org/conversation/brain-time)

Goldstone S, Lhamon WT (August 1974). "Studies of auditory-visual differences in human time judgment. 1. Sounds are judged longer than lights". Perceptual and Motor Skills. 39 (1): 63–82. doi:10.2466/pms.1974.39.1.63. PMID 4415924.

Norwegian University of Science and Technology”How the Brain Experiences Time.” NeuroscienceNews. NeuroscienceNews, 29 August 2018
“Integrating time from experience in the lateral entorhinal cortex” by Albert Tsao, Jørgen Sugar, Li Lu, Cheng Wang, James J. Knierim, May-Britt Moser & Edvard I. Moser in Nature. Published August 29 2018.
doi:10.1038/s41586-018-0459-6

Penney TB (2003). "Modality differences in interval timing: Attention, clock speed, and memory". In Meck WH (ed.). Functional and neural mechanisms of interval timing. Frontiers in Neuroscience. 19. Boca Raton, FL: CRC Press.


Wearden JH, Edwards H, Fakhri M, Percival A (May 1998). "Why "sounds are judged longer than lights": application of a model of the internal clock in humans" (PDF). The Quarterly Journal of Experimental Psychology. B, Comparative and Physiological Psychology. 51 (2): 97–120. doi:10.1080/713932672 (inactive 2020-05-29). PMID 9621837. Archived (PDF) from the original on 2013-04-21.

 

Wearden JH, Todd NP, Jones LA (October 2006). "When do auditory/visual differences in duration judgements occur?". Quarterly Journal of Experimental Psychology. 59 (10): 1709–24. doi:10.1080/17470210500314729. PMID 16945856.