Moeite met zien waar dingen zijn en hoe ze in elkaar passen 

Visuospatieel probleem en visuoconstructieve stoornis

Na hersenletsel kunnen dingen die vroeger vanzelf gingen ineens moeilijker worden. Iemand kan bijvoorbeeld moeite krijgen met inschatten hoe ver iets weg is, waar iets zich bevindt of hoe dingen ten opzichte van elkaar staan. Ook kan het moeilijker zijn om de weg te vinden of zich te oriënteren in een ruimte.

Ook kan het na hersenletsel moeilijker worden om iets wat je ziet na te maken of samen te stellen. Bijvoorbeeld een figuur natekenen, iets bouwen of een puzzel maken.

Artsen en neuropsychologen noemen deze functies het visuospatieel (visuospatiaal) vermogen en het visuoconstructief vermogen.

Kort gezegd: visuospatieel gaat vooral over waar dingen zijn en hoe ze ten opzichte van elkaar staan; visuoconstructief gaat over iets met die informatie namaken of samenstellen.

Moeite met namaken en samenstellen na hersenletsel

Visuoconstructieve stoornis na hersenletsel

Een visuoconstructief probleem kan ontstaan na hersenletsel, bijvoorbeeld na een beroerte of ongeval. Het kan ook voorkomen bij sommige neurologische aandoeningen.

Iemand heeft dan moeite om wat hij of zij ziet goed na te maken of samen te stellen. Bijvoorbeeld:

  • een figuur of voorwerp natekenen;

  • een puzzel maken;

  • blokken of andere onderdelen volgens een voorbeeld neerzetten;

  • iets op de juiste manier in elkaar zetten.

Dingen die vroeger vanzelf gingen, kunnen daardoor ineens veel moeilijker zijn.

Een andere term die hiervoor wordt gebruikt is constructieve apraxie. Bij een apraxie lukt het niet goed om bepaalde handelingen doelgericht uit te voeren, terwijl iemand wel begrijpt wat de bedoeling is.

Behandeling of begeleiding kan helpen om met deze problemen om te gaan. Een ergotherapeut kan bijvoorbeeld samen met iemand zoeken naar andere manieren om dagelijkse handelingen uit te voeren of deze gemakkelijker te maken.

Kan jij een kubus natekenen?

Het natekenen van een kubus of andere dimensionale figuur, is vrijwel onmogelijk voor iemand met een visuoconstructieve stoornis of constructieve apraxie. Dat ligt niet aan het intellect.

Eén kant van de ruimte niet goed opmerken

Visuospatieel neglect is een neurologisch probleem dat kan ontstaan door hersenletsel, vaak na een beroerte. Iemand merkt dan dingen aan één kant minder goed of soms helemaal niet op. Meestal gaat het om de linkerkant.

Het probleem zit niet in de ogen zelf. De hersenen besteden minder aandacht aan informatie die van één kant komt. Iemand kan daardoor bijvoorbeeld eten aan één kant van het bord laten liggen, maar één kant van het gezicht verzorgen of tegen een deurpost of voorwerp aanlopen.

Soms merkt iemand ook één kant van het eigen lichaam minder goed op. De persoon is zich niet altijd bewust van deze problemen.

Visuospatieel neglect wordt ook ruimtelijke verwaarlozing of hemispatieel neglect genoemd.

Behandeling en begeleiding kunnen helpen om beter met de gevolgen om te gaan. Ergotherapie kan bijvoorbeeld helpen bij het aanleren van manieren om bewuster aandacht te geven aan de kant die minder wordt opgemerkt.


Lees meer over dit gevolg op de speciale pagina over neglect.

Moeite met afstanden inschatten na hersenletsel

Na hersenletsel kan het moeilijker zijn om afstanden en diepte goed in te schatten. Iemand kan bijvoorbeeld moeite hebben om te bepalen hoe ver een voorwerp weg is of hoe hoog of diep een traptrede is.

Dit kan problemen geven bij dagelijkse activiteiten. Denk aan traplopen, iets pakken of ergens langs lopen zonder ertegenaan te botsen. Ook in het verkeer kan het moeilijker zijn om afstanden goed in te schatten.

Begeleiding kan helpen om hiermee om te gaan. Een ergotherapeut of andere deskundige kan bijvoorbeeld samen met iemand zoeken naar praktische oplossingen en manieren om dagelijkse activiteiten veiliger en gemakkelijker te maken.

Drie praktische tips bij veilig oversteken in het verkeer

  1. Neem extra tijd.
    Blijf stilstaan voordat je oversteekt. Kijk rustig en bewust naar beide kanten. Steek pas over als je zeker weet dat er voldoende tijd is.

  2. Kies een veilige plek.
    Steek bij voorkeur over bij een verkeerslicht of een andere veilige oversteekplaats. Vraag iemand om mee te gaan als je moeite hebt om het verkeer goed te overzien.

  3. Wees extra voorzichtig als je afstand of snelheid moeilijk kunt inschatten.
    Ga niet alleen af op wat je ziet of hoort. Bij twijfel: wacht en steek nog niet over.

Hersengebieden betrokken bij deze problemen

Bij het begrijpen van wat we zien en waar iets zich bevindt, werken verschillende delen van de hersenen samen. Er is dus niet één hersengebied dat het visuospatieel en visuoconstructief vermogen regelt.

De pariëtale kwab, of wandbeenkwab, is belangrijk voor het verwerken van informatie over ruimte en de plaats van voorwerpen. Vooral bij visuospatiële functies speelt de rechterhersenhelft vaak een belangrijke rol.

De occipitale kwab, of achterhoofdskwab, verwerkt de visuele informatie die via de ogen binnenkomt.

Ook delen van de temporale kwab, of slaapkwab, en de verbindingen met andere hersengebieden helpen bij het herkennen van vormen en voorwerpen.

De frontaalkwab speelt onder andere een rol bij plannen en organiseren. Dat is bijvoorbeeld belangrijk wanneer iemand iets moet natekenen of in elkaar moet zetten.

Deze hersengebieden en de verbindingen ertussen werken samen. Door hersenletsel kan een deel van dit netwerk of de samenwerking tussen gebieden verstoord raken. Daardoor kunnen problemen ontstaan met het verwerken van ruimte, het inschatten waar iets zich bevindt of het namaken en samenstellen van wat iemand ziet.

Verdieping voor de professional

Neuroanatomische achtergrond

Visuospatiële en visuoconstructieve functies berusten op de samenwerking tussen meerdere corticale gebieden en de verbindingen daartussen. Deze functies kunnen daarom niet aan één afzonderlijk hersengebied of één hersenhelft worden toegeschreven.

Bij visuospatiële verwerking en visueel geleide handelingen spelen dorsale occipitopariëtale en pariëtofrontale netwerken een belangrijke rol. De posterieure pariëtale cortex is onder meer betrokken bij het verwerken van ruimtelijke informatie en bij het omzetten van visuele informatie in doelgerichte handelingen. Voor verschillende aspecten van visuospatiële verwerking en aandacht is de bijdrage van de rechterhemisfeer relatief groot.

De ventrale occipitotemporale route speelt een belangrijke rol bij de verwerking en herkenning van vormen en objecten. De dorsale en ventrale visuele verwerkingsroutes functioneren echter niet als volledig gescheiden systemen. Er vindt interactie plaats tussen beide routes en ook dorsale gebieden kunnen bijdragen aan de verwerking van objectinformatie.

Visuoconstructieve prestaties zijn complex en doen een beroep op meerdere functies tegelijk. Naast visuospatiële en visuoperceptieve verwerking kunnen onder andere aandacht, planning, besluitvorming, visuomotorische integratie en motorische uitvoering van belang zijn. Laesieonderzoek laat zien dat met name rechter pariëtale en occipitale gebieden een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan visuoconstructieve prestaties.

Frontopariëtale netwerken dragen bij aan de koppeling tussen ruimtelijke informatie, aandacht, planning en doelgerichte uitvoering. Beschadiging van afzonderlijke hersengebieden of van de verbindingen binnen deze netwerken kan daardoor verschillende soorten visuospatiële of visuoconstructieve problemen veroorzaken.

Bij neuropsychologische beoordeling is het belangrijk om visuospatiële en visuoconstructieve stoornissen niet uitsluitend vanuit de plaats van het hersenletsel te verklaren. Ook stoornissen in visuele waarneming, gezichtsvelden, ruimtelijke aandacht en neglect, executieve functies, praxis en motorische uitvoering kunnen de prestaties op visuospatiële en visuoconstructieve taken beïnvloeden.