De ZOEKFUNCTIE zie je op je mobiel als je het MENU aanklikt = 3 streepjes ( Icoontje) Bovenin het menu.

Home » Gevolgen » Emoties Gedrag Relaties » Emoties en gedragveranderingen

Emoties en gedrag

Voorwoord:

De gevolgen van hersenletsel zijn voor iedereen verschillend, afhankelijk van de plaats van beschadiging in de hersenen, de ernst van de beschadiging. Ieder letsel verschilt!

N.B.! Emotionele- en gedragsveranderingen door lichamelijke oorzaken kunnen soms pijnlijk verwoord aanvoelen worden en 'van binnen uit' door de getroffene ook totaal anders beleefd worden. Onderstaande opsomming blijven observaties van buitenaf. Lees meer over het nadeel van opsommingen....

 

De gevolgen van hersenletsel op het gebied van gedrag en emotie kunnen velerlei zijn en kunnen worden onderverdeeld in psychiatrische stoornissen (bijvoorbeeld depressie hallucinaties, waanillusies), gedragsproblemen (bijvoorbeeld agressie), persoonlijkheidsveranderingen (bijvoorbeeld meer op zichzelf gericht zijn of milder en zachtmoediger).
In veel gevallen komt het veranderde gedrag niet voort uit onwil maar eerder uit onvermogen.

 

Verandering op het emotionele vlak 

Angst kan opspelen of problemen met de verwerking of aanvaarding van het hersenletsel. Er kunnen afgevlakte of juist versterkte heftiger emoties zijn. Iemand kan bijvoorbeeld sneller boos zijn of depressieve gevoelens hebben, een ander kan de emotie niet meer tonen of voelen. Weer een ander lijkt juist een overmatige vrolijkheid te hebben.


Emoties kunnen afgevlakt zijn waardoor mensen het gevoel hebben niet meer volledig te leven. "Het is alsof ik in een roes leef. Mijn emoties gaan niet meer zo diep. Alles is een beetje afgevlakt lijkt wel, zowel verdriet als blijdschap. Dat is erg jammer en schaadt de sociale omgang". Een ander zegt: "Emoties komen minder hard binnen. Waar een ander van in tranen is van ontroering of bij slecht-nieuws-berichten, gebeurt er bij mij niets".

 

Sommige mensen kunnen niet meer huilen door het hersenletsel. Dat kan een forse belemmering geven in het leven. Mensen kunnen dan wel de emotie voelen maar de tranen die de opluchting kunnen geven aan deze emotie komen niet. Iemand benoemt het zo: "Vaak ben ik 'vol' en denk dan; wat een opluchting zou het zijn als ik nu kan huilen. Maar ik kan het niet meer. Het lijkt wel of de tranen op zijn."

Emoties kunnen daarentegen ook juist meer aan de oppervlakte liggen waardoor de persoon met hersenletsel sneller in tranen geraakt. Dat wil niet altijd zeggen dat diegene verdrietig of somber is, maar een licht gevoelde emotie als medeleven, ontroering, frustratie, moeheid, overprikkeling kan al leiden tot tranen in de ogen. Veel mensen met hersenletsel noemen zich 'emotioneel incontinent'; de tranen rollen gewoon de ogen uit.

Er zijn zeven oorzaken van huilen na hersenletsel. Lees meer over de verschillen tussen het huilen.

Vriendelijker of milder geworden

Er zijn ook mensen met hersenletsel die juist emotioneel gevoeliger zijn geworden of empathischer, vriendelijker of kwetsbaarder. Het is voor deze mensen pijnlijk te lezen dat er meestal in negatieve zin gesproken wordt over emotie-, karakter en gedragsveranderingen door hersenletsel.
De emoties kunnen versterkt ervaren worden door de versterkte gevoeligheid, waardoor het leven intenser en vermoeiender is.

Ongecontroleerd huilen in huilbuien

Als het huilen of lachen in aanvallen komt en onvrijwillig en oncontroleerbaar komt heet dat dwanghuilen /dwanglachen of  Pseudobulbair effect. (PSA) Het is belangrijk dit goed te onderscheiden en te diagnosticeren omdat medicatie hier verlichting in kan brengen. PSA lijkt op een depressie maar iemand heeft niet het verdriet of enorme zwaarmoedigheid zoals bij een depressie. Lees meer..

 


Overprikkeling van de emoties

In tranen geraken kan komen door vermoeidheid en door zintuiglijke en cognitieve, zelfs emotionele overprikkeling; doordat het brein anders reageert. Weet dat velen zich hiervoor generen, het niet kunnen veranderen. Een enkeling lacht het weg. Vragen waar de tranen voor staan, schept duidelijkheid.

 


Overbelasting 

Vroeger werden mensen met hersenletsel gelabeld als emotioneel 'labiel'. Iemand kan zo intens moe en overbelast zijn door het hersenletsel en kan dan niets anders meer doen dan huilen. Alleen als de vermoeidheid huilbui leidt tot in slaap vallen kan het opluchting geven, anders niet. Vergelijk het hebben van hersenletsel met een oude batterij die te langzaam oplaadt en snel leeg is. Emoties kosten zoveel energie.

NB! huilen door overprikkeling en vermoeidheid huilen kunnen samenvallen.



Onderliggend neurodegeneratief lijden of neuropsychiatrie

Huilen kan een onderliggend degeneratief lijden verhullen van MS, ALS, vasculaire dementie, Alzheimer, Pseudo Bulbair affect of Parkinson.

Als de persoonlijkheid enorm veranderd is en alle emoties vergroot aanwezig lijken, en/of ongepast geuit, kan er gedacht worden aan neuropsychiatrie.

veranderdeemoties.jpg 

Minder zelfvertrouwen en zich tot last voelen
Mensen met hersenletsel kunnen zich schamen voor wie ze geworden zijn door het letsel en kunnen minder zelfvertrouwen ervaren dan voorheen. Ze kunnen zich tot last voelen.

Weer anderen lijken een verminderd invoelend vermogen te hebben, anderen juist een groter invoelend vermogen en milder zijn. Geen letsel is gelijk aan het andere.


Moodswings

Spanning, emoties, veel prikkels van buitenaf; iets wat net nog leuk was, kan ineens teveel worden en dat hangt samen met vermoeidheid. 'Moodswings', stemmingswisselingen kunnen zomaar optreden. De hersenen krijgen het even niet meer 'bij-elkaar-gedacht'. Verlies van overzicht kan volgen en daarmee soms verlies van zelfbeheersing. 


Weersinvloeden

Ook warm weer kan er voor zorgen dat iemand anders in zijn vel steekt en zelfs geïrriteerd kan reageren. Mensen met neurologische aandoeningen kunnen fysiek en in cognitie reageren op zomerse temperaturen. Ook is bekend dat stormweer mensen kan beïnvloeden in het functioneren. Alles gaat moeizamer wat zijn weerslag kan hebben op het gedrag en humeur.
Meer info.

 

Gedragsmatige veranderingen

Niemand krijgt een handleiding bij het letsel mee; alles wat permanent beschadigd is, zal met vallen en opstaan ontdekt moeten worden. Bijna ieder mens met hersenletsel zal zich proberen terug te vechten naar het 'oude en bekende niveau'. Maar elk letsel brengt schade mee. Welke schade? De schade wordt mettertijd herkenbaar of kan worden geïnventariseerd met bijvoorbeeld een klachtenlijst NAH. 

 

Iemand voelt zich ondertussen wel op de tenen lopen als iets niet meer goed lukt.
Ongemerkt worden dan al wel signalen afgegeven aan de omgeving die iets interpreteert als geïrriteerdheid of stress of zelfgerichtheid.

Pas na verloop van tijd kan de persoon met letsel doorkrijgen dat hij /zij:

  • geen tijdsbesef meer heeft
  • geen overzicht meer heeft
  • niet goed meer kan plannen
  • snelheid niet meer kan inschatten
  • impulsief is en de gevolgen niet doordenken kan
  • oriëntatie verminderd is, (waar heb ik dit gelegd of waar is nou die straat?) waar iemand nog volkomen intelligent kan zijn.
  • de handen vol heeft aan het eigen 'hoofd boven water houden', daardoor minder oog heeft voor de ander.  Diegene heeft alle concentratie nodig om zelf overeind te blijven. Het kan dan lijken dat diegene minder empathisch is of egocentrisch en zelf gericht. Maar mensen kunnen ook echt minder empathisch worden door het letsel.

 

  • De persoon met hersenletsel lijkt een ander mens dan voor het letsel; hij, zij is niet meer de oude. De basisstemming kan veranderd zijn.
  • Iemand kan na het hersenletsel moeite hebben met balans vinden tussen ontspanning en inspanning.
  • Het komt voor dat bij dezelfde persoon de ene dag alles goed gaat en de volgende dag alles tegen lijkt te zitten en alles mislukt. 
  • De éne mens is chaotischer of heeft geen rem, blijft herhalen en vastzitten in een emotie (persevereren) een ander neemt geen initiatief meer. Er zijn verschillende uitingen van ontremmingen; zie filmpje: "Ze zeggen dat ik zo veranderd ben.."
  • Het gedrag kan veranderen door onzichtbare gevolgen van hersenletsel.
  • Als iemand verminderd ziekte-inzicht heeft kan dat leiden tot gevaarlijk gedrag of een zelfoverschatting.
  • Als iemand niet kan leren van ervaringen of niet kan generaliseren kan dat ook leiden tot overmoedig gedrag.
  • Iemand kan zichzelf ook kan onderschatten en niet meer iets durft door te weinig zelfvertrouwen. Onzekerder gedrag kan optreden, doordat door het hersenletsel alles moeizamer gaat.

Helaas kan ook de omgeving de persoon met hersenletsel fors onderschatten of overschatten. Leer de mens kennen!

 
Verstoorde controle over gedrag

Door het letsel (bijvoorbeeld frontaal letsel) kan er verstoorde controle  zijn op eigen gedrag:

  • ongeduldig,
  • impulsief,
  • roekeloos,
  • rusteloos,
  • gejaagd worden,
  • sneller geïrriteerd of agressief,
  • geen grenzen ervaren,
  • ontremd gedrag in bijvoorbeeld versterkte emotie, eetbuien, geld uitgeven,
  • geen grenzen ervaren in het goeddoen, 
  • passiever gedrag,
  • zelfredzaamheid kwijt,
  • minder /geen initiatief nemen,
  • minder empathisch vermogen,
  • zich terugtrekken,
  • moeilijk op gang komen aan het begin van de dag. Een prikkel van buitenaf, lijkt dan de remedie.

 

Karaktertrekken kunnen versterken en mensen kunnen veranderen

Ongeveer de helft van de mensen met letsel lijkt een vorm van karakterverandering te hebben.

Karaktertrekken kunnen sterker aanwezig zijn dan voor het letsel maar mensen kunnen ook echt veranderen. Iemand kan 'sociaal onaangepast' of agressief gedrag vertonen. Iemand kan door het letsel veel gaan vloeken of een veranderde vorm van humor hebben.

Anderen kunnen zachter, milder worden.
Het blijft belangrijk om ook te benoemen dat mensen door het letsel zachtmoediger of vriendelijker zijn geworden.
Het merendeel van de websites over hersenletsel benoemt alleen de 'negatieve veranderingen'; dat valt dan bijna onder stigmatisering. Juist omdat slechts de helft van de mensen met letsel veranderingen in karakter toont en daarvan ook een deel ''positiever verandert'.

 

Negatieve karakterveranderingen lijken dus sterker op te vallen. Dat schept een verontrustend en vertekend beeld van de werkelijkheid en geeft een negatief label aan mensen met hersenletsel.

Iedere karakterverandering is voor de omgeving en de mens met letsel te veel verandering en kan een gemis aan "de oude persoon" kan geven.

 

Gedragsveranderingen van rechterhersenhelft en frontaalletsel 

Over het algemeen geeft letsel in de rechterhersenhelft en in het voorhoofd / 
(frontaalsyndroom) meer gedragsverandering en persoonlijkheidsverandering dan in de linkerhersenhelft. Letsel in de linkerhersenhelft geeft daarentegen kans op afasie, wat de communicatie bemoeilijkt en iemand kan frustreren. Bij linkshandige mensen kunnen de functies in de hersenen anders liggen.

 

Voorbeelden van gedragsverandering als direct gevolg van hersenletsel: 
  • Gedrag dat voortkomt omdat de mens met hersenletsel en diens omgeving nog niet doorheeft waar de valkuilen liggen van het letsel. Iemand heeft bijvoorbeeld geen tijdsbesef meer. Diegene heeft dat nog niet door en zal dan wat gestrest met 'tijd' omgaan; anderen opjagen in tijdsdruk, bang zijn altijd te laat te komen, iets àf willen hebben ongeacht de vermoeidheid. Er komt geen gebruiksaanwijzing mee met het letsel. Iemand moet door de tijd heen doorkrijgen wat er kapot is. Dat kan al fikse irritatie geven bij de omstanders die wel het gedrag observeren maar de reden niet herkennen of invoelen.
  • Te veel gedrag waardoor iemand motorisch onrustig is of niet stil kan zitten. Verbaal onrustig zijn en te veel of te luid praten. Iemand kan ontremd zijn bij eten en drinken en daardoor almaar doorgaan of is in seksueel opzicht ontremd
  • Te weinig gedrag met als gevolg initiatiefverlies, niet op gang kunnen komen of onverschillig zijn. Ook de afwezigheid van emotionele reacties valt hieronder.
  • Sociaal onaangepast of onfatsoenlijk gedrag. 
  • Depressieve of sombere stemming. 
  • Niet kunnen stoppen met emoties als lachen of huilen; dwanglachen of dwanghuilen.
  • Op zichzelf gericht gedrag, egocentriciteit, dat iemand voor het letsel niet vertoonde. 
  • Afwezigheid van empathie na traumatisch hersenletsel. Dit komt puur door het letsel zelf en de plaats van het letsel in de hersenen. Het is geen onwil. Er wordt een therapie voor ontwikkeld.
  • Snelle en onvoorspelbare stemmingswisselingen; emotionele labiliteit. 
  • Claimend gedrag. Vaak gezien in combinatie met persevereren.
  • Veranderd gedrag in intimiteit of seksualiteit.
  • Achterdocht bijvoorbeeld als gevolg van een verstoorde geheugenfunctie.
  • Geagiteerd gedrag bijvoorbeeld als gevolg van overprikkeling ten gevolge van mentale vermoeidheid  (treedt versneld op bij mentale traagheid). Bij overprikkeling is het een uiting van onvermogen, dat er niet gevlucht kan worden voor de drukte of voor de ziekmakende prikkels.
  • Agressief zijn in woorden of handelingen of allebei. 
  • Fysieke agressie bijvoorbeeld wanneer verbale uitingen van frustratie bijvoorbeeld door afasie niet mogelijk zijn. 
  • Afwezigheid van emotionele reacties (apathie).
  • Sociaal onaangepast gedrag.
  • Ontremd en impulsief gedrag.
 
Voorbeelden van gedragsverandering als indirect gevolg van hersenletsel: 
  • Gedrag en emoties die te verklaren zijn als een invoelbare reactie op het hersenletsel dat overkomen is. Voorwaarde is dat iemand inzicht heeft in de gevolgen van het hersenletsel. 
  • Gedrag dat kenmerkend is voor het verwerken van verlies van functies, vaardigheden en toekomstperspectief. Het kan gaan om emoties als ontkenning, boosheid, angst, depressie, opstandigheid of juist onverschilligheid. Vaak treden deze emoties pas op aan het einde of na de revalidatie.  

Depressie en somberheid

Depressie door verlies van gezondheid
Het leven kan na hersenletsel compleet anders zijn. Dit is vaak moeilijk om te accepteren. Iemand moet misschien in een rolstoel verder, kan niet meer naar huis of kan zijn werk niet meer doen. Of iemand kan zich niet meer middels praten uiten door de afasie. Dat kan zo frustrerend zijn. Apraxie, kan net zo frustrerend zijn dat je niet meer weet hoe je moet aankleden en je onderbroek over je lange broek aantrekt en beseft dat het niet goed is, maar hoe moet het dan?

 

Deze verlieservaringen kunnen leiden tot veel verdriet, dat vergelijkbaar is met rouwen. Dat wordt levend verlies genoemd: iemand leeft nog maar er is rouwen om wat verloren is gegaan. Iemand kan dan depressief worden.
Een depressie brengt veel psychisch lijden met zich mee. Maar ook het lichamelijk functioneren verslechtert erdoor. Feitelijk is het somber worden een gezonde reactie op een heftige en ingrijpende gebeurtenis. Zo gaat het met een verwerkingsproces.


Depressie door de locatie van letsel in de hersenen

Depressie komt ook voor als direct gevolg van de locatie van het letsel in de hersenen. Zo hebben mensen met letsel in de linkerhersenhelft iets meer kans op een depressie. Hoewel dat kan verschillen voor mensen die linkshandig zijn.
Bij 20-50% van de mensen met een beroerte komt een depressie in het eerste jaar voor. Bij 25% van de mensen met traumatisch hersenletsel komt dat ook in het eerste jaar voor. Van de andere oorzaken van hersenletsel zijn nog geen cijfers bekend.


Toch is het noodzakelijk onderscheid te maken tussen een depressie en depressieve kenmerken. Mensen met hersenletsel scoren vaker hoog op een korte 'test voor depressie', omdat ze moe zijn en minder initiatief nemen, aan concentratieverlies lijden of een veranderd slaappatroon hebben. Dat kunnen pure gevolgen van het hersenletsel zijn, maar zegt nog niets over de stemming. Let op neurofatigue is anders dan gewoon moe zijn.
En korte test die veel gebruikt wordt is de 4DKL test https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/depressie

Somberheid door overbelasting
Onder druk staan door overbelasting veel voor bij mensen met hersenletsel. Veel mensen met hersenletsel hebben een beperkte belastbaarheid en belanden daardoor vaker in een burn-out. Misschien is de wil er nog maar ze kúnnen eenvoudig niet meer.  Hier is het zo belangrijk om de belastbaarheid af te stemmen op de belasting
Zie onder andere onze pagina https://www.hersenletsel-uitleg.nl/ermee-omgaan/omgaan-met-moeheid-na-nah


Er zijn verschillende strategieën om de balans tussen inspanning en ontspanning te vinden. We bespreken op drie pagina's de:

Is er sprake van agressie? Zorg altijd voor de veiligheid van alle betrokkenen! bepraat het met mensen die je vertrouwt. Ga zo nodig naar een neuropsycholoog met verstand van hersenletsel. MAAK HET BESPREEKBAAR!

 

Richtlijn behandeling van neuropsychiatrische gevolgen van niet-aangeboren hersenletsel (2007).pdf
PDF – 416,6 KB 3981 downloads