Home » Informatie » Herstel mogelijk?

Is herstel mogelijk?

Restverschijnselen

Hersenletsel verschilt van alle andere soorten letsel die men kan krijgen. Hersenletsel pakt voor iedereen anders uit. Sommige mensen hebben zeer weinig tot geen restverschijnselen. Anderen hebben nauwelijks nog besef van leven. Deelherstel kan nog jaren lang plaatsvinden maar vindt meestal in de eerste weken tot maanden plaats. Er is een deel herstel en een deel blijvende schade...

 

Percentages en getallen van mensen mét en zónder restverschijnselen zijn er niet. Wel is bekend dat er altijd axonen (hersenverbindingen) verbroken zijn en hersencellen afgestorven kunnen zijn.

Hoeveel invloed de hersencellen en verbindingen hadden hangt af van aard en de locatie van het letsel maar ook bijvoorbeeld van de algehele gezondheid vooraf.

 

Functieherstel 

Sommige functies herstellen veel eenvoudiger dan andere.

Sommige functies herstellen omdat zij gemakkelijker overgenomen kunnen worden door andere intacte gebieden. In bepaalde hersengebieden, kan tot 95% van de verbindingen verloren raken en blijven min of meer normale prestaties gehandhaafd. Een beetje meer, echter, en dit kan catastrofaal worden.

Het is gebleken dat er maar weinig mensen helemáál herstellen van hersenletsel. Het is niet te vergelijken met een ziekte waar je van kan herstellen. NAH professionals (neurologen en neuropsychologen) weten hier alles van. Het is ook gebleken dat herstel toch lang door kan gaan. Jaren nadat het letsel is ontstaan kan nog herstel optreden. 

 

Artsen durven geen voorspellingen te doen over de mate waarin herstel na hersenletsel mogelijk is. 

 

Bij neuropsychologen verschillen de uitspraken al naar gelang zij ervaringen hebben met herstel in hun praktijk. Wie middels een prikkelprogramma iemand uit coma kon halen zal juichen en zeggen dat 'het hard werken is', maar dat de mens met hersenletsel wel verder komt. Echter voor veel mensen is het behoud van functie ook heel hard werken.

 

Chronische fase 

Er zijn ook neuropsychologen die alle narigheid en verdriet van de chroniciteit in hun praktijk zien. Zij zien ook mensen die heel héél hard werken, heel hard worstelen, maar deze mensen blijven met de brokstukken van hun leven zitten en houden bovendien nog een schuldgevoel over als ze de verhalen in de media lezen; de succesverhalen van herstel na hersenletsel.

 

Wie ziet hun verdriet, wie erkent dat zij ook geworsteld hebben en hard hun best gedaan hebben, maar niet verder kwamen. Wie heelt hun wonden? Hebben zij een uitgesteld rouwproces gehad omdat ze niet eerder een veranderd leven konden aanvaarden? En hoe zit het met de teleurstelling van de familie van laatstgenoemde hersenletsel-getroffene?

 

Valkuilen en ziekte-inzicht

Iemand met hersenletsel zal altijd eerst de valkuilen moeten proberen te leren herkennen en kennen, voordat diegene weer in de kracht kan komen waar hij of zij goed in is. Een valkuil kan bijvoorbeeld zijn dat iemand niet goed kan inschatten waar de grenzen liggen, wanneer de overprikkeling of vermoeidheid toeslaat en veel harder toeslaat dan toen diegene nog gezond was en alles kon.

 

Vaak wordt van iemand met hersenletsel gezegd, dat diegene gebrek aan ziekte-inzicht heeft. Maar ziekte-inzicht komt met vallen en opstaan, vaak door de jaren heen. En in sommige letselgerelateerde situaties komt dat inzicht er niet. Vaker nog is het verkrijgen van ziekte-inzicht een diffuus proces dat steeds weer momenten van rouw met zich mee kan brengen. Dat is geheel 'normaal'.

 

In Nederland wordt door organisaties gewerkt met de benamingen 'voorbijganger, 'zoeker', 'klant'.

De 'voorbijganger' ervaart geen probleem, geen hulpvraag, andere hebben juist wel hinder van zijn of haar gedrag.

De 'zoeker' ervaart een vage hulpvraag.

Een 'klant' weet wat het probleem is en is bereid hier aan te werken. Ergens tussen deze fasen in kunnen mensen de valkuilen doorkrijgen.. 

Van invloed zijnde factoren

Er zijn veel factoren die invloed hebben op herstel zoals plaats van het letsel en de omvang , maar geen van de factoren is de allesbepalende factor. Er wordt veel onderzoek gedaan en er zal nog veel hersenonderzoek nodig zijn, om in de toekomst meer invloed te kunnen uitoefenen op de hersenen om beter te herstellen.

 

De uitspraak “willen is kunnen!” gaat dus niet altijd op voor mensen met hersenletsel. Met motivatie/doorzettingsvermogen alleen kom je er niet en teveel doorzetten kan zelfs uitputting geven! Sommige factoren zijn te trainen maar veel ook niet. Het kan nuttig zijn te prikkelen en het oefenen te stimuleren, maar het helpt ook om eerlijk de situatie te accepteren en te weten wanneer hulp te vragen.

 

Factoren:

  1. Conditie van de hersenen en medische voorgeschiedenis.

    1. Is er al eerder schade geweest in de hersenen /Zijn er al kleine infarcten geweest?

    2. Suikerziekte, hoge bloeddruk, slechte bloedvaten, slechte lichamelijke conditie: een actieve topsporter heeft waarschijnlijk een grotere kans op 'herstel' dan iemand die nauwelijks aan sport deed, overmatig alcohol of drugs gebruik, veel narcose gehad of depressies, ernstige slaapstoornissen of longproblemen in de voorgeschiedenis.

  2. Jonge leeftijd kàn soms een voordeel hebben als de vaardigheden maar wel al aangeleerd zijn geweest. Toch ook hier bedenkingen..Zie pagina kind mèt NAH

  3. De ernst (grootte en de locatie) van het letsel.

  4. De vraag of de schade een hersenfunctie betreft die jarenlange training heeft gevergd. Iets dat vele jaren heeft gekost om te ontwikkelen zal niet in korte tijd hersteld zijn. Een voorbeeld is: spraak.

 

Neuroplasticiteit

Hersencellen (neuronen) en de onderlinge verbindingen veranderen voortdurend, waardoor we nieuwe dingen kunnen leren en kunnen onthouden, nieuwe vaardigheden kunnen opdoen en in sommige opzichten kunnen herstellen van hersenletsel.

 

Tot voor kort dacht men dat de hersenontwikkeling enkel tijdens de embryonale fase (voor de geboorte) plaatsvond.

Nu weet men dat neuronen continu worden aangemaakt door neuronale stamcellen in de hersenkamers (ventrikels).

Nieuwe neuronen ontstaan bij het leren en bij geheugen ontwikkeling.

Een stimulerende omgeving en lichaamsbeweging kunnen bijdragen aan dit proces van aanmaak van nieuwe neuronen.

Nieuwe neuronen worden selectief toegevoegd aan de hersenschors (cortex) van de temporale en frontale kwab. De primaire visuele cortex (striate cortex) heeft geen nieuwe neuronen.

 

De aanmaak van nieuwe neuronen in volwassenen (neurogenese) is niet voldoende voor een volledige herstel van schade aan het centrale zenuwstelsel (CZS), maar kan wel regeneratie stimuleren na opgelopen hersenschade.

 

Toch zit er een begrenzing aan de mogelijkheden van neuroplasticiteit.
Oefenen kan zinvol zijn, maar blijf reëel dat er ook grenzen zijn aan wat terug te winnen valt. Luister hierin naar je therapeuten.

 

Er is een gezegde dat in zekere mate ook opgaat voor vaardigheden: "When you do not use it , you loose it" Als je een vaardigheid niet gebruikt kan je die verliezen.

 

TCDS

Op dit moment steunt de hersenstichting onderzoek naar TCDS, een vorm van hersenstimulatie, waarbij door middel van electroden het hersenweefsel vlak onder de schedel geprikkeld wordt zodat gezonde hersendelen, de beschadigde delen overnemen.

Op dit moment is het onderzoek naar de motoriek, alles wat met het bewegen van de persoon te maken heeft. Dat zou in de toekomst uitgebreid kunnen worden naar andere hersenfuncties. Voor dit onderzoek is veel geld nodig.

 


Bronnen:
Hersenletsel-uitleg

Neuroscience" - ZSO 1-17