Kennissite gemaakt door professionals en ervaringsdeskundigen sámen. Erkend door universiteiten, Hoge Scholen, zorgprofessionals en patiëntenorganisaties. Winnaar Gouden Speld van Verdienste voor opvallend goed werk voor NAH

Nils

Hoe we het beste voor elkaar willen en daarbij vaak onvoldoende aan onszelf denken.

Weken geleden kregen we, Willemien en ik (a.k.a. Lief) de uitnodiging voor de bruiloft van onze lieve vrienden. En vanaf dat moment begon het rekenen. Want hoe bereid je zo’n dag voor en hoe kom je zo’n dag door met iemand die overgevoelig is voor prikkels? Iemand waarvoor zo’n dag, als je de ‘regels’ volgt, eigenlijk gewoon niet te doen is?

 

We plannen de dag van de bruiloft zo veel als mogelijk, natuurlijk ook de rust. De bruiloft is bij ons in de stad, ideaal dus om haar tussendoor met de auto naar huis te brengen en weer op te halen. Niets rust en slaapt zo fijn als je eigen bed, toch? Ideaal, dacht ik.

 

Niet dus.

 

Zij denkt daar anders over. Het zijn ónze vrienden, we moeten dus beiden kunnen genieten. En als ik haar naar huis moet brengen, kan ik niet volop genieten, kan ik als ik wil niet drinken. En dat is volgens haar geen optie. Maar dat een minder overprikkelde Willemien voor mij ook fijn is en dat ik dat er dus graag voor over heb, benoem ik niet. Ze is stellig, zij wil mij niet tot last zijn.

 

Met de fiets is ook geen optie, want als ze te moe is, wat aan het eind van de dag ongetwijfeld het geval zal zijn, is fietsen geen goed idee meer. We besluiten uiteindelijk met de taxi te gaan. De kosten vallen mee en we komen zonder zorgen snel thuis. Tussentijds thuis rusten zit er dan helaas niet in, maar gelukkig heeft het aanstaande bruidspaar een rustplek op een donkere kamer geregeld. Op die manier kan ze zich terugtrekken wanneer ze wil, zowel overdag als tijdens het avondfeest.

 

Vanaf 13.00 uur zijn we welkom en het programma zou even na middernacht eindigen. Ze rust tot het avondfeest twee keer een klein uurtje. Natuurlijk veel te weinig, maar het is op deze dag niet anders. Diverse keren kijk ik hoe het met haar gaat, maar die grote zonnebril laat niets van haar ogen zien. En op vragen komt altijd hetzelfde antwoord, een variant van ‘wel goed’. Samenvatting is dat ik mij er niet druk om moet maken en van de dag moet genieten. Maar druk maken doe ik uiteraard wel, voortdurend. Je wil een muurtje om haar heen bouwen om haar te beschermen tegen de overprikkeling.

 

Het feest is zoals een bruiloft van vrienden moet zijn. Veel lieve, gezellige mensen en eten en drinken in overvloed. Maar natuurlijk ook veel licht en continu muziek. Het hoort er allemaal bij, maar het zijn omstandigheden waar we normaal gezien verre van proberen te blijven.

 

Het is duidelijk dat dit feest voor haar te veel prikkels oplevert, maar ze wil graag alles meemaken. En daarnaast, zo veel rust als nodig is om al deze prikkels te verwerken is onmogelijk, en je vrienden trouwen tenslotte maar één keer. Uiteindelijk rondden we om middernacht af, vlak voordat het bruidspaar vertrekt. We zijn met de taxi snel thuis en na een kopje thee gaan we slapen.

 

Ondanks dat we er laat in liggen, ben ik de volgende dag vroeg wakker. Licht geslapen, op de waakstand. Je weet dat de vele prikkels van de dag ervoor, gecombineerd met de weinige rust, zich zullen laten gelden. Die moeten verwerkt worden. En dat betekent per definitie hoofdpijn, maar in welke mate is altijd even afwachten. Nou … de hoofdpijn is er en hoe. Enorm. En ondanks een dosis noodmedicatie blijft de hoofdpijn de hele dag fors. Ze is nergens toe in staat, slaapt geregeld en moet overgeven. En het effect blijft de dagen erna dooremmeren, de hoofdpijn neemt slechts langzaam af en ze is moe, doodmoe.

 

Vooropgesteld, het is natuurlijk erg lief dat ze wil dat ik ook geniet van de bruiloft. Natúúrlijk wil ze dat. En dat dóé ik ook. Maar genieten betekent in mijn geval niet in dat ik per se moet drinken. Dat doe ik dan ook niet, want in mijn achterhoofd weet ik dat zij de volgende dag en de dagen erna het zwaar zal hebben en dat ik er voor haar moet zijn. Er moeten medicijnen komen, er moet eten komen, er moet drinken komen, de hond moet er uit en meer van dat soort dingen. Ik zou er niets aan hebben als ik met een enorme kater op de bank zou hebben gezeten. En zij al helemaal niet.

 

Deze dagen blijven bepaalde gedachten door mijn hoofd zweven. Wat als ik haar wél tussendoor naar huis had gebracht? Wat als zij thuis had kunnen rusten, misschien zelfs slapen? Had ze dan meer van de dag kunnen genieten of juist niet? Had ze dan in de dagen erna minder last gehad van de overprikkeling of had dat door de enorme hoeveelheid prikkels niets meer uitgemaakt?

 

Altijd die dilemma’s. Altijd die keuzes. Altijd dat zoeken naar het juiste. Altijd het zoeken naar het verstandigste. Altijd dat wikken. Altijd dat wegen.

 

Hoe we het beste voor elkaar willen en daarbij vaak onvoldoende aan onszelf denken.

Wil je je abonneren op de blogs van Willemien en haar man? Klik hier..